18-05-18

De dag dat België de radio uitvond (2)

De dag dat België de radio uitvond (2)

Theo Fleischman de 'vader' van het radionieuws

 

29473253_10213971174464885_732400792799019008_n.jpg

 

Oorlogen zijn wel vaker de aanleiding voor het versneld verbeteren van bestaande technologieën. Meestal niet uitgevonden met de meest vredelievende bedoelingen. Pas achteraf plukt ook de modale burger de vruchten van de inspanningen. De verdere ontwikkeling van de radio is daar een voorbeeld van.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het nieuwe medium uitsluitend gebruikt als militair communicatiemiddel. In een poging om dat steeds beter te doen, werd heel wat wijsheid opgestoken die nadien werd gebruikt voor de verdere commerciële uitbouw van de radio-omroep. Maar dit keer reageerde België niet zo snel op de nieuwe ontwikkelingen. Radio was niet meteen een prioriteit voor de regering. 

En daar was Radio Buxelles 

Pas in 1922 begon er weer wat te bewegen in het land van Koning Albert I. SBR, de Société Belge de Radio-électricité, startte toen met de productie van radio-ontvangers en zenders. Drie jaar eerder, in 1920 hadden nauwelijks dertig personen in het land een echte ontvanger. Daarmee kon alleen geluisterd worden naar Franse, Britse en Duitse programma’s. ‘Leuk voor een keertje, maar daarmee verkoop je geen massa’s apparaten’, bedacht SBR. ‘Mensen willen weten wat in hun eigen land gebeurt, of luisteren naar hun eigen artiesten’. 

1.png

De eerste zender van S.B.R. gebruikt voor de uitzendingen van Radio Bruxelles

 

Daarom werd besloten om zelf een Belgisch radiostation op te richten. Radio Bruxelles werd de naam. Om de programma’s over heel het land te kunnen uitzenden, werd een zender gebouwd met een vermogen van 1500 Watt. Er werd gekozen voor de 410 meter als golflengte (= 732 kHz). De zender stond in Elsene opgesteld, in een gebouwtje van de Union Coloniale in de Stassartstraat. Op 23 november 1923 ging men van start. De nieuwe omroep werd officieel ingehuldigd door de minister van Spoorwegen, Post en Telegraaf. In de beginfase zond men enkele uren per dag uit in het Frans. Nieuws, sport en weerberichten werden afgewisseld met concerten van lichte en klassieke muziek. 

Bruxelles werd Belgique

Snel kwam er meer structuur in de organisatie, de SA Radio Belgique zag het levenslicht. SBR werd de grootste aandeelhouder in ruil voor het ter beschikking stellen van de zender. Zendtijd werd verkocht aan politieke organisaties, godsdienstige groeperingen en aan firma’s die reclame mochten maken voor hun producten. Men besloot ook om de naam te wijzigen. Radio Bruxelles werd Radio Belgique. 

De eerste officiële uitzending van het nieuwe en beter gestructureerde station ging de lucht in op 1 januari 1924. Meestal werd er muziek uitgezonden, op een zeldzame stationcall of aankondiging na. Een maand later startte men, ’s avonds om acht uur, met debatten van openbaar, cultureel of sociaal belang. Op 24 maart werd ene Theo Fleischman, Franstalig schrijver-journalist, aangeworven. Heel snel liet de man zich opmerken. Zijn creativiteit zou aan de basis liggen van hele generaties radiomakers. 

2.png

Start van ‘Le journal parlé’

Fleischman werd eigenlijk in dienst genomen als ‘chroniqueur’. Zijn eerste opdracht was dan ook het stileren van het nieuws. Er kwam een regulier bulletin. Op 30 maart 1924 ging de eerste echte nieuwsuitzending de ether in. Tot dan waren de berichten, als die er al waren, los doorheen de programmering voorgelezen. Precies om 20:00 uur startte het eerste bulletin. Het bestond volledig uit nieuws dat men uit de krant had geplukt. Niet onlogisch dat de uitzending de naam ‘ Le Journal Parlé meekreeg. 

Fleishman kreeg daarbij hulp van een team van vier medewerkers. Ze lazen niet enkel het nieuws, maar maakten ook reportages en gingen mensen interviewen. Er werd slechts één enkele nieuwsuitzending per dag gemaakt, maar die duurde dan ook een half uur. Aanvankelijk beperkte men zich tot politieke berichten uit de Wetstraat, later werd ook buitenlands nieuws toegevoegd. De hele onderneming werd bekostigd met het uitzenden van reclames. Die kosten 15 BEF per spot. Fabrikanten van radiotoestellen stopten per verkocht apparaat een bijdrage in een globale pot.

Bezoek uit het buitenland

Schreef België in 1914 geschiedenis door als eerste Eurtopees land muziek via de radio uit te zenden, precies tien jaar later was er de innovatie van ‘Le Journal Parlé’. In het Nederlands trouwens nog jarenlang gebruikt onder de naam ‘Gesproken Dagblad’. Theo Fleishman (fotocredits: RTBF) maakte geen nieuwsbulletin dat bestond uit het voorlezen van officiële communiqués, maar herwerkte krantenberichten volgens journalistieke criteria. De dagbladen vonden dat minder prettig, maar eigenlijk bleef het bij gemor aan de zijlijn. 

3.png

Sommige journalisten van de schrijvende pers waren best trots als hun artikel werd voorgelezen op het nieuwe wonderlijke medium. Fleischman en Co presenteerden hun journaal ook zelf voor de microfoon, dit in tegenstelling tot de meeste buitenlandse omroepen, zoals de BBC, die de presentatie overliet aan nieuwslezers zonder redactionele verantwoordelijkheid. Radiomakers uit heel Europa kwamen naar België om het inmiddels beruchte ‘Journal Parlé’ te analyseren en te bestuderen. 

In 1925 verzorgde Fleischman de eerste rechtstreekse sportreportage: de wielerzesdaagse in het Brusselse sportpaleis. De man ging de geschiedenis in als de ‘vader’ van het radionieuws. 

Wordt vervolgd

radiovisie-logo-klein.png.jpg

Tijdsbalkje rood.gif

00:00 Gepost door Pieter Van Banden in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.