27-04-18

De pre-historie van de hitparade (4)

De pre-historie van de hitparade (4)

 

In de reeks ‘Dossiers’ van RadioVisie voegen ze deze week opnieuw een uitgebreid essay toe. Op de laatste dag van 1999 maakte RadioVisie haar eigenzinnige keuze voor het ‘Radioprogramma van de Eeuw’ bekend. Het verzamelde redacteurengild liet het daar niet bij en koos ook nog voor onder meer het ‘belangrijkste programma-format van de eeuw’. Ze kwamen daarbij uit op een voor de hand liggend format: de hitparade.

Hitparade.png

Een onderzoek

Lucky Strike’s Hit Parade trok al snel de aandacht van onderzoekers. De Amerikaanse socioloog John Gray Peatman nam het fenomeen begin van de jaren veertig al onder de loep. Hij enquêteerde het luistergedrag van het Amerikaanse publiek en liet zien dat over een periode van drie jaar, van de zomer 1939 tot de zomer 1942, de hitparade meer dan gemiddeld werd beluisterd.

Over de eerste maanden van 1942 stond 50% van de radio’s op dit programma afgestemd. De onderzoeker stelde ook vast dat de meeste luisteraars relatief jong waren, tussen de 18 en de 40, en dat het programma door mannen zowel als (iets meer) vrouwen werd gevolgd. Het merendeel van de luisteraars woonde in de stad en was relatief hoog opgeleid. Peatman berekende ook nog de omloopsnelheid van songs op’ Your Hit Parade’.

In de twaalf maanden tussen 5 april 1941 en 28 maart 1942 stonden er in totaal 66 songs op de hitladder. Theoretisch hadden dat er, zo merkte Peatman op, 52 keer 10, dus 520 kunnen zijn. Van die 66 bleken er bovendien 11 na één week alweer van het toneel te zijn verdwenen.

De gemiddelde levensduur van de andere songs kwam uit op 13 weken. Er bestaat, zo concludeerde Peatman, duidelijk een selecte groep van ‘hit songs’, de ‘songs die worden gefloten, geneuried en nagezongen door allerlei soorten mensen, of ze nu dansen, bladmuziek of platen kopen of niet’.

Via Armed Forces Radio Service

Net als veel andere radioprogramma’s werd ‘Your Hit Parade’ vertaald naar de televisie. In 1950 verscheen het voor het eerst op de beeldbuis, gepresenteerd door Andre Baruch en Del Sharbutt. Net een jaar eerder had het instituut van de hitparade ook de Nederlandse radio weten te bereiken.

Ook voor die tijd kon men in de Lage Landen het programma ‘Your Hit Parade’ volgen, aangezien het iedere dinsdagavond werd uitgezonden, via de middengolf door de ‘Armed Forces Radio Service’ in Duitsland, voor de aldaar gelegerde Amerikaanse soldaten.

Ook verzorgde de Nederlandse omroepvereniging KRO – zo valt te lezen in het muziekblad Tuney Tunes van november 1948 – al vlak na de Tweede Wereldoorlog zondagsavonds om kwart over acht een bespreking van de hitparade. Maar, in de zomer van 1949 kwam er een heuse Nederlandstalig gepresenteerde versie van de Amerikaanse lijst.

Eén keer per maand in Nederland

Op zaterdag 2 juli 1949 ging de destijds 27-jarige deejay – al heette dat beroep toen nog niet zo – Pete Felleman voor de microfoon van de VARA-radio zitten om voor de allereerste keer zijn eigen programma ‘Hitparade’ aan te kondigen. Hij begon met nummer achttien (!). Dat was ‘Bali Ha’i’, een song uit de musical South Pacific van Rodgers en Hammerstein, gezongen door Perry Como.

Tot voor die bewuste zaterdag hadden in Nederland nog maar weinigen daarvan gehoord. Iemand die het wel wist was Pete Felleman zelf. Logisch, want hij las Billboard. Felleman, die reeds als jongen een liefhebber werd van de Amerikaanse muziek en zich op het Amerikaanse muziekblad had geabonneerd, stelde de VARA voor om een programma samen te stellen dat op de hitlijsten uit dat blad was gebaseerd. Dat gebeurde en vanaf die dag liet Pete Felleman eens in de maand horen wat Amerika’s favorieten waren.

Vrienden bij de KLM

Omdat de grootste hits in de VS toen nog niet automatisch in Nederland werden uitgebracht, moest Felleman (foto) er zelf voor zorgen dat de muziek vanuit Amerika naar Nederland kwam. Hij schakelde daartoe zijn kennissen onder het KLM-personeel in. “Ik had hun vliegschema’s bij me thuis aan de muur hangen!” Hij vroeg hen steevast om de nieuwste platen uit de Billboard-radio-hitlijst in Amerika aan te schaffen, of op het vliegveld in ontvangst te nemen van een van zijn overzeese vrienden. Felleman: “Om de spanning op te voeren, begon ik de uitzending altijd met het nummer dat onderaan de lijst stond. Wanneer ik dan tenslotte nummer één had laten horen, kwamen de mensen hun huis uit en riepen: Die heeft gewonnen!”

P-Felleman.png

Er is wrevel

Omdat de smaak van de gemiddelde Nederlandse liefhebber van populaire muziek niet zo heel veel bleek te verschillen van die van de Amerikanen, haalde Felleman zich ironisch genoeg het ongenoegen van de platenmaatschappijen op de hals. Het kwam namelijk herhaaldelijk voor dat een platenboer werd geconfronteerd met een klant die op zoek was naar een door Felleman gedraaide, maar in Nederland niet leverbare plaat.

Dan werden de platenmaatschappijen lastig gevallen met verzoeken muziek te leveren die ze niet hadden aangekocht. “Wij bepalen zelf wel wat we uitbrengen en we laten ons niets door een willekeurige programmamaker voorschrijven,” zo kreeg Felleman van een wrevelig gestemde directeur van een platenmaatschappij te horen. Later zouden de platenbonzen daar heel anders over gaan denken.

Jean-Luc Bostyn, Hans Knot, Ger Tillekens 

° Lees ook: De pre-historie van de hitparade (deel 1)
° Lees ook: De pre-historie van de hitparade (deel 2) (audio)

° Lees ook: De pre-historie van de hitparade (deel 3) (video)

radiovisie-logo-klein.png.jpg

 

 

Tijdsbalkje rood.gif

 

00:00 Gepost door Pieter Van Banden in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.